De stadsboerderij uit 1860.

Op het moment dat Herman overlijdt op 1 januari 2006 heeft de boerderij nog geen gas, stromend water, riolering en toilet. Alleen elektriciteit is ooit aangelegd. Het toilet is een plank met gat en emmer in de stal, de riolering is de mestvaalt, het water wordt met twee oude handpompen uit de grond omhooggehaald, verwarmen en koken gebeurt op de hout- en kolenkachel. Slapen doet Herman nog steeds in een bedstee op stro. Waar zijn grootouders en ouders nog vernieuwingen in de boerderij doorvoerden, liet Herman alles bij het oude, zoals zijn vader het hem had nagelaten.

In 1860 laat Otto Kip, de grootvader van Herman, een nieuwe boerderij bouwen aan de Oude Touwbaan in de Hoven, de tuinderswijk van Zutphen. Hun vorige huis werd verkocht en afgebroken voor de uitbreiding van het Landgoed Schoonzicht, ook in de Hoven. Het was voor die tijd een dure T-boerderij, met 2 voordeuren, meerdere kamers met bedsteden, schouwen, een grote kelder met tongewelf en de deel met koeienstal met grup en een paardenstal. In één van de kamers liggen nog de originele estrikken (tegels) uit 1860, in de andere kamers zijn in de 20e eeuw nieuwe tegels gelegd.
In de loop der jaren zijn er diverse bijgebouwen op het erf neergezet, deels van steen, maar vooral van hout. Daaronder ook een potstal voor de schapen (één zijkant gemaakt van oude tramwagon-deuren), een extra stal voor het vee en een wagenloods.
Herman heeft zelf zijn boerderij omgebouwd tot museumboerderij. Op het moment dat hij begint met tekenen en schilderen, gaat hij de gehele boerderij inclusief het erf, langzaamaan transformeren tot een enorme expositie van zijn eigen werk. Er worden schappen gemaakt voor potten, ketels en melkbussen. Er wordt een enorm rek gemaakt voor de beschilderde eetborden. Meubilair wordt beschilderd en toegevoegd aan de rest van de huisraad en er ontstaat een echt museum. Maar dan wel een museum zonder bezoekers.
Inmiddels is de boerderij een gemeentelijk monument. Voor het ombouwen naar een museum hoefde niet veel te gebeuren. Dat had Herman zelf al gedaan. Voor het ontvangen van bezoekers is er alleen extra verlichting aangebracht en de brandveiligheid op peil gebracht. En, niet onbelangrijk, in een schuur zijn stromend water, een toilet met riolering, een keukentje, een filmzaaltje en een paar gaskachels aangelegd.

Museum Boer Kip is in de winter gesloten.

Het verwarmen van de boerderij is, net als in de tijd van Herman Kip, erg lastig en dat maakt een bezoek in de winter niet aangenaam.

Vanaf 27 april is iedereen weer van harte welkom!

Boer Kip zoekt vrijwilligers.

Meer weten?

De stadsboerderij uit 1860..

Museum Boer Kip is in de winter gesloten.

Vanaf 29 april is iedereen weer van harte welkom!

Op het moment dat Herman overlijdt op 1 januari 2006 heeft de boerderij nog geen gas, stromend water, riolering en toilet. Alleen elektriciteit is ooit aangelegd. Het toilet is een plank met gat en emmer in de stal, de riolering is de mestvaalt, het water wordt met twee oude handpompen uit de grond omhooggehaald, verwarmen en koken gebeurt op de hout- en kolenkachel. Slapen doet Herman nog steeds in een bedstee op stro. Waar zijn grootouders en ouders nog vernieuwingen in de boerderij doorvoerden, liet Herman alles bij het oude, zoals zijn vader het hem had nagelaten.

In 1860 laat Otto Kip, de grootvader van Herman, een nieuwe boerderij bouwen aan de Oude Touwbaan in de Hoven, de tuinderswijk van Zutphen. Hun vorige huis werd verkocht en afgebroken voor de uitbreiding van het Landgoed Schoonzicht, ook in de Hoven. Het was voor die tijd een dure T-boerderij, met 2 voordeuren, meerdere kamers met bedsteden, schouwen, een grote kelder met tongewelf en de deel met koeienstal met grup en een paardenstal. In één van de kamers liggen nog de originele estrikken (tegels) uit 1860, in de andere kamers zijn in de 20e eeuw nieuwe tegels gelegd.
In de loop der jaren zijn er diverse bijgebouwen op het erf neergezet, deels van steen, maar vooral van hout. Daaronder ook een potstal voor de schapen (één zijkant gemaakt van oude tramwagon-deuren), een extra stal voor het vee en een wagenloods.
Herman heeft zelf zijn boerderij omgebouwd tot museumboerderij. Op het moment dat hij begint met tekenen en schilderen, gaat hij de gehele boerderij inclusief het erf, langzaamaan transformeren tot een enorme expositie van zijn eigen werk. Er worden schappen gemaakt voor potten, ketels en melkbussen. Er wordt een enorm rek gemaakt voor de beschilderde eetborden. Meubilair wordt beschilderd en toegevoegd aan de rest van de huisraad en er ontstaat een echt museum. Maar dan wel een museum zonder bezoekers.
Inmiddels is de boerderij een gemeentelijk monument. Voor het ombouwen naar een museum hoefde niet veel te gebeuren. Dat had Herman zelf al gedaan. Voor het ontvangen van bezoekers is er alleen extra verlichting aangebracht en de brandveiligheid op peil gebracht. En, niet onbelangrijk, in een schuur zijn stromend water, een toilet met riolering, een keukentje, een filmzaaltje en een paar gaskachels aangelegd.

© Copyright - 2023 Museum Boer Kip | Fotografie o.a. Albert Sanders